Het sportleven van Etten bloeide vooral in de jaren zeventig als nooit te voren. Ook nu nog is Etten-Leur een sportief dorp. Hoe is dat zo gekomen?
‘Het is grappig hoe kleine dingen bepalend kunnen zijn’, zegt René Konings over de sportieve ontwikkeling van Etten-Leur in de jaren zeventig. In 1968 kwam Konings – hij was toen begin twintig – in Etten-Leur wonen omdat hij een baan kreeg bij de gemeente. Vanwege de vele nieuwe inwoners was het sportieve gehalte van Etten-Leur toen al aan het stijgen, vertelt Konings: ‘Er kwam een zwembad, en de sportverenigingen groeiden. Als er bijvoorbeeld mensen uit Rotterdam kwamen die badminton speelden, richtten zij ook hier een club op.’
Maar de motor achter de sportive ontwikkeling van Etten-Leur was volgens Konings zijn collega Jos Snijders, die als gemeentesecretaris tussen 1953 en 1982 de ambtenaren aanstuurde. ‘Hij was supersportief’, vertelt Konings. ‘Hij had ook kinderen die sportten. Alles wat maar met sport te maken had, moest gebeuren, vond hij. Daarom kregen wij zelfs de opdracht om in onze vrije tijd een tafeltennisvereniging of andere sportverenigingen op te richten. Dat deden we gewoon als werk. En op een gegeven moment kreeg je een sneeuwbaleffect, want al die clubs hadden meer voorzieningen nodig, enzovoort.’ Tafeltennisvereniging Tanaka, de tennisclub én de hockeyclub werden in de jaren zeventig zo mede mogelijk gemaakt door Ettense ambtenaren.