De jeugd van tegenwoordig...

Hard werken, niet te gek doen en op tijd naar bed: Nederland was in de jaren vijftig braaf en burgerlijk. Maar veel jongeren snakten naar avontuur en creëerden hun eigen jeugdcultuur – in de steden, maar ook op het platteland.

 
“Wij wensen rock ‘n’ roll! Wij wensen rock ‘n’ roll!” Het is zaterdag 20 oktober 1956 en een groepje boze jongeren zwermt door Apeldoorn. De burgemeester heeft de vertoning van de Amerikaanse film ‘Rock around the Clock’ verboden, omdat die in andere steden tot opstootjes heeft geleid. Maar dat pikt de Apeldoornse jeugd niet! De zoon van groenteboer zet zijn grammofoon voor het raam, en de muziek schalt over het plein. Steeds meer jongeren sluiten zich bij het protest aan. Iemand gooit met een bloemkool. Een ander schrijft ‘Weg met de burgemeester’ op een muur. Pas na drie dagen keert de rust terug in Apeldoorn.
 
Ook in Den Bosch, Leeuwarden, Enschede en Dordrecht zijn in de herfst van 1956 ‘rock ‘n’ roll-rellen.’ Veel Nederlandse jongeren hebben de smaak van de vrijheid te pakken. Sinds een paar jaar hebben ze – vanwege stijgende lonen – meer geld te besteden en zijn ze minder afhankelijk geworden van hun ouders. Met deze rebelse, Amerikaanse muziek kunnen ze hun onafhankelijkheid echt laten zien. Hoewel... Verreweg de meeste Brabantse jongeren zijn in de jaren vijftig nog best wel braaf. Ze gaan vaak jong aan het werk, zes dagen in de week, zitten ‘s avonds gewoon gezellig met hun ouders voor de radio en zijn lid van een keurige katholieke vereniging.
 
Nozem of artistiekeling?
Maar er is ook in Brabant verandering op komst. In steden als Tilburg beginnen jongeren zich in de jaren vijftig af te zetten tegen de volwassenen die hen in toom willen houden. Ze creëren – net als jongeren in de rest van Nederland – een heel eigen jeugdcultuur en worden bijvoorbeeld ‘nozem’ of ‘artistiekeling.’ Nozems zijn werkende jongeren die motorlaarzen en zwarte leren jassen dragen. Ze hebben een vetkuif, een opgevoerde brommer en luisteren naar wilde rock ‘n’ roll. Artistiekelingen zijn niet wild, maar juist romantisch. Ze vinden alles wat ‘gewoon’ is truttig en dragen donkere kleren. Ze filosoferen over kunst en luisteren naar jazz-muziek of Franse chansons.
 
Het verschil tussen nozems en artistiekelingen valt gewone Nederlanders – en Brabanders – helemaal niet op. Die zien alleen rondhangend tuig, dat naar vreselijke muziek luistert, op de dansvloer rare bewegingen maakt en in hun ogen helemaal is losgeslagen. ‘Men hangt, leunt, slentert … men loeit, men brult, men kletst als een eindeloos geleuter; men gilt en giert, men jengelt en zeurt’: zo beschrijft de bekende pedagoog Martinus Langeveld in 1952 deze ‘moderne massajeugd.’ Deze ‘verwilderende’ jongeren zullen de maatschappij kapotmaken, voorspelt hij. Al snel wordt ‘nozem’ dan ook de verzamelnaam voor alles wat jong en ongeregeld is.
 
Hip wordt mainstream
Maar in de jaren zestig verovert de nieuwe muziek en jeugdcultuur heel Nederland. Op het Brabantse platteland luisteren nu ook meer jongeren naar rock ‘n’ roll, en de opvolger daarvan, de beatmuziek. In veel steden richten jongeren een ‘soos’ op, waar ze bij elkaar komen om naar muziek te luisteren en te dansen: alleen al in Tilburg zijn in de jaren zestig 17 jeugdsozen. Ook in de meeste Brabantse dorpen komen aan het begin van de jaren zeventig jeugdsozen – vaak in oude parochiehuizen of boerderijen. Intussen lezen Brabantse tieners massaal muziektijdschriften, luisteren ze op de radio naar Tussen 10+ en 20-, met Jos Brink, en bezoeken ze concerten van rock- en beatbands. De nieuwe jeugdcultuur is aan het einde van de jaren zestig ook in Brabant mainstream geworden.
 
En het blijkt uiteindelijk best mee te vallen met de voorspelde maatschappelijke catastrofe. In 1959 verschijnt bijvoorbeeld een belangrijk sociologisch onderzoek naar Leidse nozems. Daaruit blijkt dat zij helemaal niet werkschuw zijn en juist goed naar hun ouders luisteren. De jongeren zijn niet het probleem, concluderen de onderzoekers Daan Krantz en Émile Vercruijsse, maar de veel te strenge volwassenen: ‘Wanneer de volwassenen de grenzen voor het gedrag van de jeugd zo nauw trekken als nu gebeurt, zijn zij het, die het jeugdprobleem scheppen.’
 
Zie ook: http://www.geschiedenis24.nl/dossiers/Jeugdcultuur.html

Reacties

Er zijn nog geen reacties



Tagcloud

Ga nu naar de website van Erfgoed Brabant
 
X