Begraven bij de zondaars

Een kind verliezen is het ergste dat ouders kan overkomen. Dat was zestig jaar geleden niet anders dan nu. Maar tegenwoordig bepaalt niet langer de kerk waar een overleden zuigeling wordt begraven. In de jaren vijftig mochten doodgeboren baby’s en kinderen die te kort leefden om gedoopt te worden volgens de regels van de katholieke kerk niet in gewijde grond worden begraven. Zij kregen een graf op een afgelegen plek, bij de zondaars.

 

Het kwam destijds vaker voor dan nu dat een kindje dood werd geboren of direct na de bevalling stierf. In Brabant was het percentage zuigelingensterfte zelfs het hoogste van Nederland. De leer van de kerk schreef voor dat ongedoopte kindjes, dus ook de baby’s die niet lang genoeg leefden om gedoopt te worden, niet in gewijde grond begraven mochten worden.


Deze kindjes waren, doordat zij niet gedoopt waren, volgens de kerk belast met de erfzonde. Een ziel die bevlekt is met de erfzonde ging niet naar de hemel. Voor ongedoopte overleden kindjes was er het voorgeborchte, waar zij niet gekweld werden door hellestraffen. Ze hadden immers geen zonden begaan. Maar gelukzaligheid van de hemel en de aanschouwing van God was niet voor hen weggelegd. Dat was slechts voor degenen die naar de hemel gingen.

 

Door de belasting van hun ziel met de erfzonde werden de ongedoopte zuigelingen begraven op een achterafveldje van de begraafplaats, afgezonderd van de zaligen. Op een plek waar de andere zondaars waren begraven. Voor de kerk was iemand die zelfmoord had gepleegd bijvoorbeeld zondig, maar ook homoseksualiteit, overspel, lidmaatschap van de communistische partij, de NSB of de SDAP leverde een graf in ongewijde grond op.


Halverwege de jaren zestig werden deze strenge regels langzaamaan wat soepeler. De meeste katholieken kunnen inmiddels de oude regels om doodgeboren kindjes niet in gewijde grond te begraven niet meer begrijpen. Kardinaal Simonis zei hierover: “... de kerk en dienaren van de kerk zaten gevangen in een soort van collectieve onmacht als gevolg van een even collectief zwart-wit denken rond het woord van Jezus: “Wie gelooft en gedoopt is, zal zalig worden.” De conclusie was direct: “Niet gedoopt, dus niet zalig”

 

Pas in 1983 veranderden de regels van de kerk en mochten ongedoopte kinderen begraven worden in gewijde grond. In 2007 concludeerde Vaticaan na onderzoek dat aangenomen mocht worden dat God de ongedoopte kinderen zal redden, omdat het voor hen niet mogelijk was geweest zich te laten dopen. Van het concept van een voorgeborchte voor ongedoopte kinderen nam de kerk dus afscheid.


Inmiddels zijn er op diverse plekken in Brabant, bijvoorbeeld in Deurne, monumenten voor ongedoopte kinderen. Lees hier meer over deze monumenten.

 

Marjolein Weber verloor in 1982 haar pasgeboren zoon Rutger. Zij heeft hem nooit mogen zien. Lees hier haar verhaal.
 

Het tv-programma Andere Tijden maakte een uitzending over dit onderwerp. De uitzending is hier te bekijken.
 

 

Foto's


Reacties

Er zijn nog geen reacties


Baby's in Brabant

Tagcloud

Ga nu naar de website van Erfgoed Brabant
 
X